donderdag 26 september 2013

Maar wanneer een vreemdeling bij u vertoeft…….



Vlak voordat het volk Israel het land Egypte werd uitgeleidt, stelde God het Pascha in. Het volk moest een lam in huis nemen, het dan slachten  en het bloed aan de deurpost smeren, zodat de verderfengel voorbij ging. Vervolgens werd het lam opgegeten met bittere kruiden en ongezuurd brood. God maakte er een inzetting van, zodat Israel voor altijd aan deze dag zou denken. Vanaf die dag vieren ze in Israel  ieder jaar het Pascha, en denken ze terug aan dat geweldige moment dat God zijn volk uitredde.

God gaf aan hoe het feest gevierd moet worden en zoals je onder kunt lezen, ook door wie.

Exodus 12
43 De HERE zeide tot Mozes en Aäron: Dit is de inzetting van het Pascha: geen enkele vreemdeling mag ervan eten. 44 Iedere slaaf, die door iemand voor geld is gekocht, mag er eerst van eten, wanneer gij hem besneden hebt. 45 Een bijwoner en een dagloner mogen er niet van eten. 46 In één huis zal het gegeten worden; gij zult van het vlees niets uit het huis naar buiten brengen; geen been zult gij ervan breken. 47 De gehele vergadering van Israël zal dit vieren. 48 Maar wanneer een vreemdeling bij u vertoeft en de HERE het Pascha wil vieren, dan zal ieder van het mannelijk geslacht, die bij hem behoort, besneden worden; eerst dan mag hij naderen om het te vieren; hij zal gelden als in het land geboren. Maar geen enkele onbesnedene mag ervan eten. 49 Eénzelfde wet zal gelden voor de geboren Israëliet en voor de vreemdeling, die in uw midden vertoeft.
50 Alle Israëlieten deden aldus; zoals de HERE Mozes en Aäron geboden had, zo deden zij. 51 En op deze zelfde dag leidde de HERE de Israëlieten uit het land Egypte, volgens hun legerscharen.

Net als in het verhaal van Jozef, schuilt er in het lam wat tijdens het pascha wordt geslacht een geweldig beeld. Het beeld van ons Paaslam, Jezus. Niet alleen vervulde hij het Pascha letterlijk, op de dag en uur nauwkeurig.  Hij was het perfecte lam,  waarvan geen been gebroken werd. Maar Hij was tevens het lam waarvan het bloed werd vergoten zodat het verderf voorbij gaat.   
Wat ik des te mooier vind in dit beeld is als je leest in exodus 12, wie er aan het Pascha mogen deelnemen en wie niet! Wat mij opviel in dit stukje is dat een onbesnedene in geen geval deel mocht nemen aan het Pascha. Het Pascha is alleen voor besnedenen! Terwijl je op veel plaatsen leest dat de vreemdeling onder Israel mocht wonen, lees je hier dat hij besneden moet worden voordat hij deel mag hebben aan het Pascha.

Onwillekeurig moet ik denken aan de woorden die Paulus schrijft in Kolossenzen 2.

11 In Hem zijt gij ook met een besnijdenis, die geen werk van mensenhanden is,

We zijn niet langer meer  vreemdelingen en bijwoners! Wij mogen toch deelhebben aan het Pascha! Deelhebben aan dat ene Paaslam, aan de messias, Jezus!

woensdag 11 september 2013

…….zullen mij als Ruben en Simeon zijn...



 
Eén van de mooiste beelden van onze Heer Jezus, is het leven van Jozef!

De meesten kennen het verhaal van Jozef. Hoe hij in de put gegooid en verkocht wordt door zijn broers, waarna hij in Egypte terecht komt en uiteindelijk onderkoning wordt. Hier kan hij een plaats bereiden voor zijn broers om uiteindelijk de redder van zijn broers te worden. Naast zijn broers blijkt hij ook de redder van de hele wereld te zijn. Doordat hij, met Gods hulp, de Farao zijn droom kon uitleggen. Jozef bouwde voorraadschuren en sloeg daar graan in op, voor het moment dat er hongersnood uitbrak en er voldoende graan was voor iedereen!

Net als Jozef werd onze Heer, Jezus,  verkocht door zijn broeders en aan het kruis ter dood gebracht! Hierna is Hij uit het graf opgestaan en opgevaren naar de hemel om daar plaats te nemen aan de rechterhand van God, de Vader, om een plaats te bereiden voor zijn broeders. Als Hij zijn broeders weer in zijn armen zal sluiten zal Hij huilen, net als Jozef deed. Hierna zal blijken dat diegene die ze overgegeven hebben, niet alleen een redder van het volk Israël zal zijn, maar van de hele wereld.

Zoals ik zei, een geweldig beeld! Maar er is meer……..

Volgens mij is er in dit beeld is ook een plaats voor jou en mij weggelegd. Dit vindt je in Genesis 48. Hier staat het verhaal van de zegening van Jozefs Zonen.
Naast Jakob zijn eigen zonen, zegent hij namelijk ook de zonen van Jozef.
  
Toen ik het verhaal hierover in Genesis 48 las viel mij in het bijzonder vers 5 op.

5 En nu, uw beide zonen, die u in het land Egypte geboren zijn, voordat ik tot u naar Egypte gekomen was, zij zijn de mijne; Efraïm en Manasse zullen mij als Ruben en Simeon zijn.

Jozef heeft zijn zonen gekregen op het moment dat Jakob niet wist dat hij nog in leven was, toen Jozef in Egypte was! En Jakob rekent ze als zijn eigen kinderen.

Als je het beeld van Jezus doortrekt, kun je dan zeggen dat Jezus er zonen bij krijgt terwijl Israël niet eens weet dat Hij nog in leven is? Zoals Jakob destijds niet wist dat Manasse en Efraim geboren werden, zo is Israël zich er niet van bewust dat er broers bij zijn gekomen. Pas toen Jakob zag dat Jozef nog leefde, leerde hij zijn kleinzoons kennen. Zo zal Israël straks als ze hun Messias zullen zien komen, zien dat ze er broers bij hebben gekregen, wij! En die broers die zullen zijn als Ruben en Simeon!  



Noot 1. Volgens mij is dit het geheim waar Paulus naar verwijst in Efe 2. Waar hij zegt dat wij geen vreemdelingen of gasten meer zijn
Noot 2. In de bijbel staat Egypte vaak als beeld voor de hedenvolken. Efraim en Manasse zijn dus onder de heidenvolken verwekt!

vrijdag 23 augustus 2013

And the world is searching still……




Het bovenstaande zinnetje laat me niet los! Iedere keer als ik in de vakantie een berg opfietste of aan het zwemmen was, speelde het door mijn hoofd.
Het komt uit het nummer City on the hill van de Casting Crowns. Het nummer gaat over een stad op een berg, die eens een fel licht verspreide voor zijn omgeving, maar langzaamaan is het licht gedoofd. De oorzaak hiervan is dat iedereen het in de stad het met elkaar oneens is. Zo vinden de soldaten de dansers zwak en de rijke luisterde nooit naar de arme. Uiteindelijk dooft het licht van de stad en de wereld vraagt zich af waar het licht is gebleven!  And the world is searching still…….

Met onderstaande link kun je het nummer beluisteren


Nu wil het toeval, dat Jezus hier in  Matteus 5 ook iets over zegt.
Mat 5:14 Gij zijt het licht der wereld. Een stad, die op een berg ligt, kan niet verborgen blijven. 15 Ook steekt men geen lamp aan en zet haar onder de korenmaat, maar op de standaard, en zij schijnt voor allen, die in het huis zijn. 16 Laat zo uw licht schijnen voor de mensen, opdat zij uw goede werken zien en uw Vader, die in de hemelen is, verheerlijken.

Paulus spreekt in de Filipenzenbrief Jezus na en geeft aan hoe wij als lichtende sterren mogen schijnen deze wereld.

Dit is geen toeval natuurlijk, maar ik ben hier wel mee aan de slag gegaan.  Over denken, over lezen, over praten, tot ik uiteindelijk bij één vraag uitkwam!

Wat is mijn rol in de stad op de berg? Draag ik bij aan de verspreiding van het licht of verhinder ik het juist?

Ik denk dat iedereen die vraag zou moeten stellen aan zichzelf!

Mogelijk kom je dan tot dezelfde conclusie als ik. Ik kan alleen dat licht zijn als ik Hem (diegene die zegt dat wij het licht zijn) laat stralen!

zaterdag 18 mei 2013

Waarom Genade?



Genade, waarom heb ik dat nodig?

Het is warm die dag. Rufus had nooit gedacht dat hij zo zou eindigen. Als gladiator in de arena. Hij heeft goed gevochten die dag. Hij heeft twee tegenstanders verslagen maar de derde was te sterk voor hem. De retarius, zo één die vecht met een net en een drietand, was hem te snel af. En voordat Rufus zijn eigen zwaard kon gebruiken lag hij met het net om zijn benen op de grond, hij kon geen kant op. En nu zat hij op zijn knieën  te wachten op wat de mensen wilden dat er met hem zou gebeuren. Zou hij gedood moeten worden of zouden de mensen vinden dat hij goed had gevochten en  massaal om genade gillen. Hij hoopte het laatste, hij was nog niet klaar om te sterven. Hij wilde nog zoveel doen. Het geluid zwol aan. De mensen begonnen te schreeuwen en te joelen. Ze maakten gebaren. Duimen omhoog of omlaag. Hij kon het niet goed zien, maar de consul wel. De consul zou beslissen. De Consul maakte een gebaar, zijn duim ging naar boven. Rufus kreeg genade. Hij mocht blijven leven. Hij mocht blijven leven, hij kon het bijna niet geloven…..

Het verhaal gaat door maar we houden het hierbij.

Herken je dit verhaal? Het is zo duidelijk waarom Rufus genade wil krijgen. Hij wil blijven leven. Hij wil nog niet dood en zeker niet op deze manier, met een zwaard door zijn lijf. Als Rufus geen genade zou krijgen zou hij op een vrij pijnlijke manier ter dood worden gebracht. Rufus had deze genade nodig. Alles zou over zijn.

Iedereen weet wat Genade betekent. Een niet verdiende gunst!
Maar je kan je daarnaast wel een aantal vragen stellen over die genade, bijvoorbeeld:
-          Wat was er gebeurd waardoor Rufus afhankelijk was van genade?
-          Wat gebeurd er met Rufus als hij geen genade krijgt?
-          Van wie krijgt hij genade?
-          Wat gebeurd er met Rufus nadat hij genade heeft ontvangen? (Dit   verteld het verhaal niet maar misschien kan je er iets bij bedenken?)

Niet de enige!
Rufus is niet de enige die genade krijgt. In de bijbel staan legio voorbeelden van mensen die genade ontvangen. Noach, Jozef, Mozes en het hele volk, Lot, Paulus, Gideon, David en nog veel meer mensen bij wie het niet met name genoemd wordt.
Probeer eens voor één van de namen hierboven deze 4 vragen te beantwoorden.
Kun je dat? Spreek dit eens door met je buurman.

Wat gaat mij dit aan?
Oke, mooie verhalen, maar wat gaat mij dit aan? Wat heeft dit met mij te maken? Waarom moet ik een verhaal van lang geleden horen om iets voor mezelf te leren? – Dat zou je je kunnen afvragen. Maar dan moet je Efeze 2:4-6 eens lezen.
4 Maar omdat God zo barmhartig is, omdat de liefde die hij voor ons heeft opgevat zo groot is, 5 heeft hij ons, die dood waren door onze zonden, samen met Christus levend gemaakt. Ook u bent nu door zijn genade gered.

Dit gaat over jou! Ook jij bent door genade gered! Dat staat er!
Naast de vraag, wat gered zijn betekent, kun je dus ook die vragen stellen die hierboven staan.
1.       Wat is er gebeurd waardoor ik afhankelijk ben van genade?
2.       Wat gebeurt er met mij als ik geen genade krijg?
3.       Van wie krijg ik die genade?
4.       Wat gebeurt er met mij nadat ik genade ontvang?
Mogelijk kun je hier zelf ook nog een vraag aan toe voegen?

Heb je wel eens over deze vragen nagedacht? Voor mijzelf is vooral de eerste vraag altijd een probleem geweest. Waarom had ik nu genade nodig? Ik deed het toch allemaal keurig? Ik luisterde naar mijn ouders, ging iedere zondag naar de kerk, ik deed geen echte verkeerde dingen. God moest wel van me houden dus ik verdiende het toch ook wel een beetje die genade?

Daar sloeg ik de plank dus behoorlijk mis. Ik was net zo afhankelijk van Gods genade als ieder mens. Dat was in het begin wel een schok, moet ik zeggen. Totdat ik besefte dat die Genade voor mij in het bijzonder was. Dat gaf me een gevoel van diepe dankbaarheid.

Lees de volgende Bijbelgedeelten en kijk of je de vragen hierboven kunt beantwoorden? Niet voor een ander maar probeer ze steeds voor je zelf te beantwoorden.
Rom 5:18-21                                      1 kor 15:12-24
Rom 3:9-18                                        Rom 3:21-24
Rom 11:6                                           Efe 2:18
Efe 2:1-10

Mogelijk dat je andere teksten weet. Dat is kan natuurlijk ook.

Uiteraard gaat het om iedereen zijn eigen antwoorden. Maar voor de volledigheid hierbij mijn persoonlijke antwoorden:
1.       Wat is er gebeurd waardoor ik afhankelijk ben van genade?           
o   Collectief kun je zeggen dat door de daad van Adam de relatie met God is verbroken. Zonder de Genade die God ons schonk door Zijn Zoon aan het kruis voor ons te laten sterven en Hem daarna op te wekken en aan Zijn rechterhand te zetten was er geen persoonlijke relatie met God mogelijk. Wat ik daarnaast individueel ben gaan beseffen dat ik, zoals Paulus schrijft, God niet zocht. God vond mij! Ik kon God nog zo dienen door allerlei goede dingen te doen. Ik kon het niet zelf, want iedere keer ging het toch weer mis. Ik probeerde uit mezelf het goede te doen, maar het lukte niet. Als ik wil doen wat Hij van mij vraagt dan ben ik van Hem afhankelijk!
2.       Wat gebeurt er met mij als ik geen genade krijg?
o   Dan rest mij een leven zonder rots! Een rots waar ik op kan bouwen. Op wie ik kan  steunen, die mij draagt en leidt. Een rots die er altijd voor me is. Dan rest mij een leven zonder hoop! Hij is de Heer van de opstanding. Niet alleen voor mij maar voor alle mensen.
3.       Van wie krijg ik die genade?
o   Die is makkelijk te beantwoorden, God is mijn redder, door Zijn Zoon Jezus, de Christus, onze Heer!
4.       Wat gebeurt er met mij nadat ik genade ontvang?
o   Dan wil ik leven uit die Genade. Ik wil me stellen in Zijn dienst. Ik wil de weg gaan die Hij voor me uitstippelt.

Door voor je zelf de vraag te beantwoorden waarom je Zijn Genade nodig hebt in je leven, wordt je dankbaar als je beseft dat Hij jou Zijn Genade schenkt om niet. Dan wil je net als Rufus leven, LEVEN met hoofdletters. LEVEN in Zijn Koninkrijk!

Gezegend zij onze God en Vader, de Vader van onze Heer, de Christus, Jezus.